Historie

1966. In september werd vanuit de toenmalige landelijke jeugdbeweging KAJ,
(Katholieke Arbeiders Jeugd) afdeling Kloosterzande, een toneelvereniging opgericht, in de volksmond Kajotters genoemd. Een toneelvereniging was er toen al enkele jaren niet meer in Kloosterzande. Leden van de KAJ, jongens en meisjes van rond de twintig jaar, William Asselman, Arnold Vervaet (†), Jo van Overmeeren en Jenny Asselman (†) hebben toen de stoute schoenen aangetrokken en een nieuwe toneelvereniging opgericht: Toneelvereniging KAJ. De meesten hadden hun eerste stappen op het toneelpodium gezet, toen ze 15-16 jaar oud waren, bij de toen bestaande organisatie “Herwonnen Levenskracht”. Besmet door het toneelvirus, opgedaan door het organiseren van en meespelen op ouderavonden en tijdens de bonte avonden van de toenmalige organisatie “Herwonnen Levenskracht”. Onder regie van Joos Voet (†), de grote man van “Herwonnen Levenskracht” werd op eigen benen de eerste avondvullende voorstelling gegeven in “Zaal van Leuven” te Kloosterzande in december 1966. Kloosterzande had weer een toneelvereniging.

De naam KAJ werd enkele jaren later landelijk veranderd in KWJ, Katholiek Werkende Jongeren. Na enkele jaren in onze thuisbasis “Hotel van Leuven” de jaarlijkse voorstellingen te hebben gegeven onder de naam KWJ werd besloten om als zelfstandige toneelvereniging verder te gaan, los van de toen nog bestaande KWJ. Wel bleef er een zeer trouwe band met de KWJ bestaan.

1972: Een apart bestuur werd gevormd, een nieuwe naam werd gekozen, Toneelvereniging “De Scheldegalm”. Nog steeds werd toen in het Algemeen Beschaafd Nederlands gesproken. Landelijk bekende stukken als “Sil de Strandjutter”, en niet te vergeten “Er was voor haar geen plaats” van de bekende schrijver uit eigen streek, Louis Lockefeer (†) uit Hulst, werden met veel succes voor het voetlicht gebracht.

1980: Een nieuwe weg werd ingeslagen. Wij wilden meer, wij wilden anders. Er werd besloten om in het streekdialect, Kloosterzande en omstreken, het land waar wij allen geboren zijn, om in deze taal te gaan spelen. Taol die ‘an ons ouwelui ons zôô bij gebrocht aojen. Streektaol van Klôôster en omstreken. Nieuw, zeer gewaagd, wat zou het worden?

Met het in de streek van Kloosterzande zeer bekende toneelstuk van vroeger, “Gelijk een Vlam”, van de bekend geworden schrijver uit de streek, Jo Eggermont (†) werd deze historische stap gezet. Met de goedkeuring van de auteur werd zijn stuk “Gelijk een vlam” omgezet in het streekdialect, dit met medewerking van de streekverteller Ed Steijns. We waren de eerste Zeeuws-Vlaamse toneelvereniging die de eigen streektaal ging gebruiken. Het werd een zeer groot succes. Liefst 17 keer werd dit stuk in heel Oost Zeeuws-Vlaanderen opgevoerd. Het toen grootste theater in Zeeuws-Vlaanderen, het Zuidlandtheater in Terneuzen, was zelfs enkele keren te klein om de vele belangstellenden te kunnen bergen. Toneel in onvervalst streekdialect. Het leven zoals wij dat kennen. Volkstoneel. Onze eigen identiteit. Het volkstoneel in onze eigen taal was een feit. De naam van onze vereniging werd hierop dan ook aangepast: Volkstheater “De Scheldegalm”.

Ook het elk jaar optreden werd gewijzigd. De frequentie van spelen was groot. Het seizoen was lang met de vele optredens. Besloten werd dan ook om na een toneelseizoen spelen, een seizoen over te slaan. Zo was er dan de tijd om rustig aan een nieuw toneelstuk te kunnen werken en een nieuw seizoen voor te bereiden. Er volgden nog twee succesvolle stukken van deze schrijver Jo Eggermont: “N’n vrimden kostganger” en het zeer mooie stuk “De Gouwe Bruiloft”.

De toenmalige regisseur Leonard van Goethem (†) vond het na 18 jaar tijd worden om de regiestok over te dragen. Het successtuk “De Gouwe Bruiloft” was het laatste werk dat hij voor ons zou regisseren. Met veel plezier hebben wij al die jaren met hem samengewerkt.

Een nieuwe regisseur werd aangesteld: Nelly Boogaart – de Bakker. Op dat moment was zij al 15 jaar actrice en grimeuse bij De Scheldegalm. Uit eigen kring, dus bekend met de vereniging.

Nieuwe toneelstukken werden gezocht. George Sponselee, de bekende streekkenner bij uitstek, had ook toneelstukken geschreven. Toneel uit eigen streek, eigen mensen, herkenbare momenten, uit het leven gegrepen. “Het Spook van de Polder” was het eerste en zeer succesvolle toneelstuk van Dhr. Sponselee. Het zou dan ook heel Zeeuws-Vlaanderen door gaan. Meer stukken volgden van George Sponselee. Op de van hem zo speciale manier van schrijven, zoals “De Dêêl’k van Nonkelken” en “Wardjen den Drippel”. Toneelstukken die wederom met veel succes werden opgevoerd.

1993: De bekende streekverteller en onze hulp voor het dialect, Ed Steijns, kwam George Sponselee assisteren. Beiden waren zeer bekend in en met het streekgebeuren. Het eerste toneelstuk samen, “Ward wil wet’ouwer ôôren” werd meteen een succes. Zodoende volgden dus nog meer toneelstukken van George Sponselee en Ed Steijns.

Voor het seizoen 2004-2005, het toneelstuk “Fanfaore De Scheldegalm” kwam er een derde schrijver bij, Juliën Blommaert (†), ook een streekverteller en geen onbekende van George Sponselee en Ed Steijns. Zij werkten samen al lange tijd in het streek- en dialectgebeuren. Drie auteurs, streekkenners, vertellers, die elkaar zeer goed kennen, verstaan en aanvullen. En nu samen toneelstukken schrijven. Hun eerste toneelstuk met z’n drieën “Fanfaore De Scheldegalm” was dan ook een succes.

Voor ons jubileumjaar, seizoen 2006-2007, 40 jaar bestaan, hebben wij dan ook wederom gekozen voor een toneelstuk dat deze drie auteurs samen hebben geschreven. Auteurs waar wij, Volkstheater De Scheldegalm, vertrouwen in hebben. Wij voelen ons bevoorrecht dat wij toneelstukken kunnen spelen die zij voor ons hebben geschreven.

2006, 40-jarig bestaan: William Asselman, oprichter, voorzitter en acteur, krijgt een onderscheiding van de koningin opgespeld door burgemeester J.F. Mulder van de gemeente Hulst. Voor zijn maatschappelijke inzet en verantwoordelijkheid, o.a. ook voor zijn 40 jaar inzet voor het amateurtoneel, in het bijzonder voor Volkstheater De Scheldegalm.

2006-2007: Het jubileumstuk “Waor doe ne mens goed aon” is wederom een enorm succes geworden. Het spel over de familie van Acker, ’n keuterboerderaaiken uit ons eigen Zeeuwsvlaamse platteland. Twee oudere ongetrouwde zussen (maagden?), twee broers die (nog) vrijgezel zijn gebleven en het jongste zusje Annie, die bij de nonnen op kostschool heeft gezeten en zodoende “nog zo groen as gos is”. Daar kwamen dan nog bij de meester, wat jonge vriendinnen van Annie, de pastersmei, de buurvrouw die wel wat in broer Peet zag en Buur Ree die nog al eens genoeg gedronken had. Genoeg figuren dus die voor de nodige dwaze en overwachte situaties zorgden, waardoor de lachspieren danig op de proef werden gesteld. Ook de reünie, waarvoor alle mensen die op wat voor manier ook in die 40 jaar bij De Scheldegalm betrokken zijn geweest waren uitgenodigd was erg geslaagd!

2008-2009: Heropvoering van “Het Spook uit de Polder” van George Sponselee.
Wat een extra feest zou moeten worden, deze heropvoering, in verband met het 50 jarig huwelijk van George en Els Sponselee op 20 december 2008, heeft helaas niet plaats kunnen vinden. De voorbereidingen waren in volle gang. 7 voorstellingen waren gepland. Maar door het moeten stoppen van enkele spelers vanwege gezondheidsproblemen, als ook het plotselinge overlijden van onze toneelmeester, Geert Dankaart (†), zijn we genoodzaakt geweest alles te anuleren.
De dag van hun 50-jarig huwelijk zou een groot spektakel moeten worden. Op de dag van hun ‘Gouden Bruifoft’ 20 december 2008, was er een speciale gala-voorstelling gepland in ‘D’n Dullaert’ te Hulst. Met genodigdeen, pers, radio en televisie. Een speciale voorstelling van het te spelen stuk, “Het Spook uit de Polder”. George Sponselee zijn eerste toneelstuk voor “volkstheater De Scheldegalm”. Zijn eerste grote succeswerk, waar wij heel veel succes en plezier mee hebben gehad. Helaas is dit door bovengenoemde problemen niet door kunnen gaan

2010-2011: Heropvoering van “Het Spook uit de Polder” van George Sponselee.
Deze voorstelling was een groot succes met een bijna uitverkochte D’n Dulaert in Hulst en 3 uitverkochte voorstelingen in de Halle in Axel en 2 uitverkochte voorstellingen in Zaal van Leuven in Kloosterzande. Tevens werd er nog een speciale uitvoering gegeven in de Heilige Catharinakerk te Hengstdijk.
Het stuk speelt zich af in en om een dorpscafé, (staminee),  ‘De Floore Vest’ , rond de jaren `50 / `60. Een ontmoetingsplaats, niet zozeer om alleen zo maar wat te drinken, wat uiteraard wel kon en ook zeker gebeurde, maar ook om de laatste nieuwtjes te bespreken, aan de weet te komen, wat te kaarten, of om zo maar wat te kletsen. De tijd ook dat vele mensen nog geloofden in spoken en bang waren voor de vele spookverhalen die toen de ronde deden. De tijd ook dat de plaatselijke hoogwaardigheidsbekleders het voor het zeggen hadden, en waar men naar opkeek. Eerbied en ontzag had men toen nog voor de hoger geplaatste personen, de notabelen van de leefgemeenschap zoals de veldwachter, de meester, de pastoor, de koster enz. Waar gebeurde verhalen ?…… of toch niet?

Onze thuisbasis “Hotel van Leuven” heeft in ons voortbestaan een zeer belangrijke rol gespeeld. De oude vertrouwde “Zaal van Leuven”. Dankzij vele jaren steun en ongekende gastvrijheid in “Hotel van Leuven” van Familie E. de Nijs, zijn wij kunnen groeien tot wat wij nu zijn. Wij zullen de familie de Nijs daar eeuwig dankbaar voor zijn. En nog steeds spelen wij in (de vernieuwde) “Zaal van Leuven”, nu in handen van de familie Leenknegt.

In de loop der jaren is er een vaste kern van leden ontstaan, die al meer dan 30 jaar samen gestalte geven aan onze toneelvereniging. Van de vier oprichters is er nog één actief bij het toneel betrokken, William Asselman, tevens de huidige voorzitter. Aangevuld met de nodige leden, die ook al enige jaren actief zijn en plezier beleven aan het op deze manier toneel spelen en in stand houden van het streekdialect. Acteurs, actrices, regie, decorbouwers, grimeurs, souffleurs, licht- en geluidstechnici, toneelmeester, medewerkers en assistenten, bestuur, allen hebben plezier in het brengen en beleven van volkstoneel in onze eigen taal. De taol waor dam’n mee grôôt gebrocht zijn. Wij hopen op deze manier nog vele jaren plezier te kunnen beleven en zo het publiek te vermaken, door het brengen van volkstoneel met Volkstheater De Scheldegalm.